We have 89 guests and no members online

Dordrecht 4 - Fianchtto 2: 5-3

Zonder teamcaptain Kees van ’t Hoff (vakantie) en Robert Goedegebuur (ziek) maar gelukkig wel met Martijn Vos en Theo Jiskoot speelde Dordrecht 4 afgelopen dinsdag tegen Fianchetto 2.
Na de smadelijke nederlaag tegen Sliedrecht 3 in de vorige ronde moest er gewonnen worden om de promotiekansen in leven te houden. De start was echter niet veel belovend. Roland van Keeken (1972) speelde op bord 1 tegen Jaco van Leeuwen (1736). Waar Roland normaal gesproken altijd als laatste bezig is, was hij nu als eerste klaar.

Hij wisselde in de opening 2 zetten om en belandde in een vervelende stelling. Bovendien kwam hij ook nog eens een half uur achter in tijd. Toen zijn tegenstander remise aanbood greep Roland deze maar met beide handen aan.
Wim van Vliet (1430) speelde op bord 7 tegen Hans Dopper (1599). Wim belandde in een eindspel met beiden een paard en 6 pionnen. Omdat hij geen winstplan zag bood Wim remise aan wat door zijn tegenstander werd geaccepteerd, 1-1.
Martijn Vos (1851) speelde op bord 2 tegen Bart Germeys (1651). Naar mijn idee overspeelde Martijn Bart in de opening. Kennelijk had ik dat niet goed gezien want opeens zag ik een nul op het scorebord staan, 1-2.
De volgende uitslag kwam pas na elf uur. Theo Jiskoot (1700) speelde op bord 5 tegen Bela Hlavaj (1714). Van de partij heb ik weinig gezien, ik zag alleen wel dat Theo met zijn dame kon binnen komen op de onderste rij en de partij naar zich toe kon trekken, 2-2.
Bert Dobber (1681) speelde tegen Arjan Schouteren (1807). Bert belande in een eindspel waarin zijn tegenstander een vrij pion had op de g-lijn die met behulp van de koning naar de overkant gebracht kon worden.
Ik hoorde zijn tegenstander wel zeggen dat hij onverdiend gewonnen had, maar ja daar had Bert helaas niet zo veel aan, 2-3.
Van de partij van Marcel den Boer (1779) op bord 3 tegen Cenk Ergen (1671) heb ik heel weinig gezien. Ik hoorde achteraf dat zijn tegenstander door zijn vlag ging terwijl hij dacht dat hij er nog een kwartier bij kreeg. Volgens mij is dat speeltempo al een paar jaar geleden afgeschaft, 3-3.
Timon de Geus (1674) speelde op bord 4 tegen Youri Verlinde (1539). Timon kwam een kwaliteit achter, ik kon alleen niet beoordelen of hij er compensatie voor terug had. Later hoorde ik dat hij zijn tegenstander heel mooi mat zette, lijkt mij compensatie genoeg, 4-3.
Zelf speelde ik, Teus Slotboom (1606), op bord 8 tegen Fred van Gent (1545). De partij ging lange tijd gelijk op. Fred had een paard wat vast stond op h3, maar hij had wel een d-pion die ik steeds verder liet oprukken. Toen die d-pion ook nog op de eerste rij eindigde moest ik mijn toren geven.
Op dat moment had ik een pion op g4 en h4 en een pion a4 en b3. Mijn koning stond op g3. Fred had een pion op a5 en een toren op g8. Zijn koning stond op d1 en ik was aan zet. Er restte mij niets anders dan te proberen mijn g en h pion zo snel mogelijk naar de overkant te brengen. Volgens Fritz stond ik op dat moment op -2. Fred was toch wel bevreesd voor die opkomende pionnen en in plaats van op jacht te gaan naar mijn a en b pion probeerde hij de opmars van mijn g en h pionnen te stoppen, wat gelukkig voor mij niet lukte waardoor ik de partij alsnog won en de overwinning voor het team ook binnen was, 5-3.
De volgende wedstrijd is op maandag 20 november uit tegen de IJssel 2.

Teus Slotboom

resized_d3100DSC_0148_3453.jpg

Schaak puzzel